….de zorg voor uw huisdier is in vertrouwde handen!

Nieuwsbrief

GEVAREN TIJDENS DE HONDENUITLAAT

Moeder natuur biedt onze honden voornamelijk heel veel plezier. Maar vooral tijdens de zomermaanden, wanneer er weer volop gewandeld wordt met onze viervoeters, liggen er ook een aantal gevaren op de loer. Aan ons de taak om onze honden te beschermen tegen deze gevaren, daarom een lijst met de vijf van grootste bedreigingen voor de hond tijdens het uitlaten.

Blauwalg
Berenklauw
Eikenprocessierups
Steek van een wesp of bij
Grasaren

In deze lijst hoort ook zeker de teek thuis, echter is er in de voorjaars nieuwsbrief uitgebreid aandacht besteedt aan de teek.

Blauwalg

De meeste mensen weten dat blauwalg schadelijk kan zijn voor mens en dier, maar wat is blauwalg precies en wat te doen als je ermee in aanraking komt?

Wanneer het warm weer wordt kan er in stilstaand of langzaam stromend voedselrijk water een plotselinge groei van blauwalg plaatsvinden. Deze algen gedijen het beste bij temperaturen van 20 tot 30 graden Celsius. De naam blauwalg is misleidend omdat blauwalgen niet tot de ‘echte’ algen, maar tot de groep van de cyanobacteriën horen, welke van nature voorkomen in zoet en zout water. Niet alle blauwalgen zijn even giftig, maar een bepaalde soort blauwalg heeft zelfs het overlijden van een aantal honden in Nederland veroorzaakt en is dus zeer giftig.

De giftige stoffen (toxines) in deze bacteriën zijn natuurlijk geproduceerde stoffen en worden gezien als de meest krachtige natuurlijke gifstoffen die er zijn. In het water vormen de bacteriën een ‘algenmat’ die bestaat uit kolonies of lange draden. Een overmaat aan blauwalg is een signaal dat er iets mis is met de waterkwaliteit. Drijvend aan het wateroppervlak vormen de algen een blauwgroene (soms roodbruine) laag die op olie lijkt. Als deze laag dikker wordt en de algen minder ruimte krijgen sterven de algen af, waarbij giftige stoffen vrijkomen. Blauwalgen maken het water troebel en zuurstofarm, waardoor stankoverlast en vissterfte kan optreden.

Blauwalg

Door beweging in het water (bv door zwemmers, honden of de wind), komen er stukjes van de algenmat los. Vergiftigingen door blauwalgen komen alleen via de mond tot stand, het gif dringt niet door in de huid. Omdat honden graag het water drinken lopen zij een groter risico om de algen binnen te krijgen. Ook likken zij de vacht na het zwemmen schoon en kunnen zo een besmetting oplopen. Let op, want blauwalg kan in de zomer ook ontstaan in bijvoorbeeld een waterbak of ander stilstaand water.

De symptomen van blauwalgvergiftiging worden zo’n 15 tot 20 minuten na contact met het water zichtbaar en zijn:

  • Huiduitslag en/of irritatie van de slijmvliezen van de ogen, neus en mond.
  • Misselijkheid, overmatig kwijlen, braken en/of diarree.
  • Loomheid, gebrek aan coördinatie.
  • In ernstige gevallen trillen, soms stuiptrekkingen, ook kunnen ademhalingsproblemen en verlamming optreden. Dit kan zo ver gaan dat honden er aan bezwijken.

De ernst van de verschijnselen is afhankelijk van de hoeveelheid opgenomen gifstof. Er is helaas geen tegengif voor de toxines van de blauwalg. Vertoont de hond symptomen van een blauwalgvergiftiging na contact met water, neem dan direct contact op met de dierenarts. Het gif werkt ontzettend snel en een hond kan 30 tot 60 minuten na besmetting overlijden.

Wanneer een hond toch even een duik neemt in met blauwalg besmet water, zorg dan dat de hond er niets van drinkt en spoel de hond direct met alleen schoon water.

De officiële zwemwateren in Nederland worden regelmatig gecontroleerd op blauwalgen, meer informatie hierover is te vinden op www.zwemwater.nl . Echter zwemmen veel honden juist buiten de formele zwemgebieden, waar helemaal geen controle van het water is. Blauwalg verdwijnt vanzelf als de temperatuur weer daalt, echter is men de laatste jaren bezig met een onderzoek waarbij driehoeks- en quaggamosselen ingezet worden als natuurlijke bestrijder van blauwalg.

Berenklauw

Wees alert op berenklauwen bij het uitlaten van je hond, deze veroorzaken namelijk veel problemen bij mensen en dieren.

Het aantal berenklauwen neemt de laatste jaren in Nederland snel toe, er zijn twee soorten namelijk de gewone berenklauw en de reuzenberenklauw die wel 2-4 meter hoog kan worden. Deze laatste verspreidt zich snel over ons land en is overal te vinden in bermen, braakliggende terreinen en verwaarloosde tuinen.

De plant is ruw behaard en heeft drievoudig gelobde bladeren, de stengel is kantig en gegroefd. De berenklauw bloeit van juli tot oktober met witte bloemen in schermen. De plant komt vaak voor langs de waterkant en in bermen en bossen.

Berenklauw

Honden kunnen net als mensen ontstekingen van de huid en zelfs wonden krijgen door aanraking met het sap van de berenklauw. Zelfs een oppervlakkige aanraking is al genoeg om klachten te veroorzaken, en dat geldt voor ieder deel van de plant. Het sap van de berenklauw bevat een stof (furocoumarine) die de huidcellen (en ook het oogoppervlak), die er mee in aanraking zijn gekomen, gevoelig maakt voor zonlicht en andere UV-straling. De huidcellen sterven daardoor af, en dat veroorzaakt een ontstekingsreactie. Het is dus geen allergische reactie, zoals veel mensen denken. Als een hond in aanraking komt met het sap zullen er na ongeveer 24 uur rode, jeukende vlekken en bultjes ontstaan. Dit proces zet zich voort en er zullen zelfs zwellingen en blaren ontstaan die op brandwonden lijken. De genezing duurt gemiddeld 1 à 2 weken. Als het sap in de ogen terechtkomt, kan de hond hier zelfs blind van worden.

Als je hond in aanraking is gekomen met de plant, kun je hem het beste zo snel mogelijk grondig wassen met water en een hondenshampoo, en enkele dagen zonlicht vermijden. Neem voor de zekerheid contact op met de dierenarts om pijn en littekenweefsel beperken.
Vaak heb je helaas vaak niet in de gaten gehad dat je hond de berenklauw heeft aangeraakt, en zie je opeens een heftige ontstekingsreactie meestal op de neus ontstaan.

Zie je deze plant groeien bij een losloopgebied of een hondenuitlaatveld, dan kun je hiervan melding maken bij je gemeente en vragen of ze de planten willen laten verwijderen.

Eikenprocessierups

Steeds vaker zien we borden met een waarschuwing voor de eikenprocessierups, maar wat doet dit kleine diertje precies?

De eikenprocessierups veroorzaakt al enkele jaren problemen in Nederland, vooral in de periode mei tot augustus. Zoals de naam al doet vermoeden komt de eikenprocessierups voor op eiken. De soort overwintert in eipakketten op de dunne twijgen van de eik, de kleine eipakketten zijn moeilijk vanaf de grond waar te nemen. De jonge rupsen komen half april tot begin mei uit hun ei en gaan dan tijdens hun eerste stadium in groepen op de zonzijde van de stam rusten. Als de rupsen volgroeit zijn en de bladeren uitkomen gaan de rupsen nesten vormen waar zij overdag in rusten en waaruit zij ’s nachts in processie (lange optocht) van soms wel 10 meter lang op zoek gaan naar eikenblad. De rupsen eten groepsgewijs tak voor tak een boom kaal, als de boom helemaal kaal gevreten is zoeken de rupsen een andere boom waar weer voedsel te vinden is. De aanwezigheid van de eikenprocessierups is gemakkelijk te herkennen aan de bolvormige nesten aan de onderzijde van de takaanzetten waarin de rupsen overdag rusten en vervellen. In juli/augustus verpoppen de rupsen en verschijnen de vlinders. De vlinders zoeken weer een waardplant om eieren op te leggen. Bij deze zoektocht kunnen de vlinders een afstand van ongeveer 5 tot 20 kilometer afleggen.

Eikenprocessierups

De volwassen rups is grijsgrauw en wordt zo’n 3,5 cm lang. Het lichaam van de rups is bedekt met honderduizenden witte brandharen, die hij kan “afschieten”. De meeste haren zijn nauwelijks met het oog waarneembare microharen. Tijdens de ontwikkeling van de rups doorgaat hij zes stadia, in de laatste drie stadia ontwikkeld de rups ongeveer 600.000 brandharen. De brandharen die de eikenprocessierups krijgt bij deze laatste drie vervellingen laten gemakkelijk los en de oude huidjes blijven in de nesten zitten.

De rups veroorzaakt daardoor niet alleen schade aan de eikenbomen, maar kan ook gezondheidsproblemen opleveren voor mens en hond, brandharen werken namelijk irriterend op de huid en de slijmvliezen. Omdat de eikenprocessierups een warmte minnende soort is komt hij vooral voor op lanen en bosranden. Daarom zijn vooral fietsers en wandelaars kwetsbaar.

Honden kunnen bij aanraking met afgevallen nesten heftige reacties vertonen. Mochten er haren van de rups in de ogen van de hond komen, dan levert dit binnen een paar uur een heftige reactie op zoals zwelling, roodheid, jeuk en in sommige gevallen ontstekingen. Bij inademing kunnen de brandharen ook irritatie geven aan de luchtwegen, met name neus, keel en het bovenste gedeelte van de luchtpijp. De hond kan misselijk en benauwd worden en problemen krijgen met slikken. Ook kunnen er wonden op de tong ontstaan en in bepaalde situaties kan zelfs een deel van de tong afsterven. Vanwege de vacht zal een hond minder snel last krijgen van huidklachten, maar op kalere plekken zoals de buik kunnen toch pijnlijke, rode bultjes en blaasjes verschijnen die jeuken. Heftig krabben verergert het probleem, want de haartjes worden daardoor verspreid over een groter oppervlak en de blaasjes kunnen open gaan en ontsteken. Incidenteel kunnen ze ook last van hun poten krijgen als ze op een afgevallen nest trappen.
Bij contact met de brandharen moeten de huid en de ogen goed gespoeld worden met water. Meestal verdwijnen de klachten vanzelf, maar het is toch raadzaam om even contact op te nemen met de dierenarts.

Het is gebleken dat hooi met brandharen bijvoorbeeld bij paarden heftige irriterende reacties teweeg kan brengen. Daarom moet er voorzichtig worden omgesprongen met het hooi dat geoogst wordt in de nabijheid van eikenbomen. De oude haren kunnen nog 6 jaar actief blijven en dus nog lang voor overlast zorgen.

De meeste gemeentes hebben een meldpunt en mensen kunnen daar doorgeven dat ze de rups hebben gesignaleerd of problemen door de rups ervaren hebben. Er wordt dan een bestrijdingsplan gemaakt door de betreffende gemeente.

Steek van een wesp of bij

Honden worden gemakkelijk door een bij of wesp gestoken, immers alle honden zijn nieuwsgierig en houden ervan om te rennen en achter dingen aan te jagen… inclusief insecten!

In de regel is een steek niet gevaarlijk voor de hond, er zal een flinke rode zwelling ontstaan op de plek van de steek welke behoorlijk pijnlijk kan zijn.

Wesp

Meestal worden honden in hun gezicht gestoken nadat ze een stekend insect van iets te dichtbij hebben onderzocht. Het voorhoofd kan dan ook flink opzwellen en door zwelling rond de ogen kan de hond niet meer uit zijn ogen kijken. Vooral de steken op de gevoelige neus zijn bijzonder pijnlijk.
Sommige honden kunnen zelfs op de tong of in hun mond of keel worden gestoken als ze proberen om een insect te pakken. De zwelling kan de keel van de hond dichtdrukken en zo de luchtweg blokkeren, dit kan een erg gevaarlijke situatie opleveren. Probeer de zwelling zoveel mogelijk tegen te gaan door het gebied van de hals zo koud mogelijk te maken met bijvoorbeeld een natte lap of het liefst ijs en ga zo snel mogelijk naar een dierenarts voor behandeling.

Een hevige reactie kan worden veroorzaakt door een groot aantal steken of als de hond een allergische reactie heeft op de chemische stofjes die in de angel zitten. Verschijnselen van een hevige reactie worden vaak al snel zichtbaar en zijn algemene zwakte, braken, diarree, ademhalingsproblemen en een grote uitbreiding van de zwelling vanuit de plek waar de steek zit. Pas op voor zwellingen rondom de nek, keel en het hoofd. Als de hond een hevige reactie heeft, dan moet u hem zo snel mogelijk naar de dierenarts brengen, de hond kan namelijk in shock raken.

Het verwijderen van de angel uit een behaarde hondenhuid is meestal een onbegonnen zaak, de angel zal er na verloop van tijd vanzelf uitkomen. Maar als de angel wel zichtbaar is, dan kan je proberen om deze te verwijderen door het eraf te schrapen met een vingernagel. Geen pincet of tang gebruiken, alleen in uiterste noodzaak, omdat hierdoor meer gif uit de angel kan worden geduwd.
Het aanbrengen van azijn of een zwak mengsel van water en zuivere soda op het getroffen gebied zal de pijn verminderen. Ook wat ijs in een handdoek gewikkeld op de wond kan zo de zwelling verminderen en de pijn verlichten.
Ook kunt u Viatop® aanbrengen. Meestal is het ergste leed na een paar uur weer geleden.

Houd de hond in de gaten nadat hij is gestoken om er zeker van te zijn dat hij geen allergische reactie ontwikkelt. Als na enkele dagen de zwelling toch blijft aanhouden, ga dan toch even naar de dierenarts.

Grasaren

Als gras niet gemaaid wordt en op natuurlijke wijze tot bloei kan komen, zal het in de maanden juni, juli en augustus aren ontwikkelen. Met name in natuurlijkgebieden komt het gras tot volle bloei en honden vinden het vaak leuk om in dat hoge gras te spelen en te ravotten. Grasaren bestaan uit zaden met weerhaakjes, hierdoor kunnen ze zich aan de vacht van de (meestal) langharige hond vasthechten. Als grasaren in de vacht terecht komen, kruipen ze langzaam steeds dieper en kunnen ze zelfs de huid indringen. Het lichaam beschouwt deze zaden als lichaamsvreemd materiaal en gaat hierop reageren met een ontsteking. Meestal ontstaat er een fistel om het ontstekingsvocht af te voeren.

Vaak kruipen ze bij honden tussen de tenen, maar ze komen helaas ook regelmatig in oren, ogen, neus, keel en longen terecht waar ze veel schade kunnen toebrengen. Grasaren lijken klein en onschuldig, maar ze kunnen veel ongemak en pijn veroorzaken en kunnen zelfs de dood tot gevolg hebben.

Grasaren                                                   Grasaar in voet

In de zomer is het moeilijk om gebieden met wild groeiend gras te vermijden. Gras in bermen wordt ook niet altijd gemaaid en dan heeft gras de kans om tot volle bloei te komen. Controleer na iedere wandeling je hond op grasaren. Voel met je handen voor de vacht en controleer o.a. de voeten, oksels, neus, oren en ogen.

Houd ook het gedrag van je hond in de gaten:

  • Als de hond plots veel op een bepaalde plek tussen de tenen likt en daar is een klein gaatje zichtbaar, kan dit door een grasaar komen. Helaas is niet altijd duidelijk of de grasaar dan nog aanwezig is of er door het likken van de hond toch weer uit is gekomen.
  • Als de hond veel met de kop schud, zou dit kunnen betekenen dat er een grasaar in het oor zit.
  • Als de hond na een wandeling plots veel last heeft van een oog en daar met de poot in wil wrijven dan is hij verdacht van een klein zaadje in het oog. U kunt proberen zelf eerst goed te kijken of u iets ziet zitten maar meestal verdwijnen ze al snel achter het 3e ooglid.
  • Als je hond plotseling veel niest of hoest kan er een grasaar in de luchtwegen zitten.

Ga direct naar de dierenarts wanneer de grasaar niet door jezelf verwijderd kan worden of wanneer je het niet vertrouwd.